RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Breda
Bestuursrecht
zaaknummer: BRE 26/2204
uitspraak van de voorzieningenrechter van 26 mei 2026 in de zaak tussen
[verzoekers] , uit [woonplaats] , verzoekers
(gemachtigde: [gemachtigde 1] ),
en
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Altena, het college
(gemachtigde: mr. A.A. Kammer).
Als derde-partij neemt aan de zaak deel: [vergunninghouder] uit [woonplaats] (vergunninghouder).
Inleiding
- Deze uitspraak op het verzoek om een voorlopige voorziening gaat over een verleende omgevingsvergunning voor de bouw van een mantelzorgwoning op het perceel [adres 1] te [woonplaats] . Verzoekers hebben hiertegen bezwaar gemaakt en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.
1.1. Het college heeft op het verzoek gereageerd met een verweerschrift. Vergunninghouder heeft ook schriftelijk gereageerd.
1.2. De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 18 mei 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van verzoekers, vergunninghouder én de gemachtigde van het college samen met mr. M.A.R. van Vuuren, [gemachtigde 2] en [gemachtigde 3] .